Wordt uw factuur niet betaald? En helpt een betalingsherinnering ook niet meer? Dan lijkt een incasso van uw vordering nog de enige weg. Een incasso traject begint met een schriftelijke ingebrekestelling. Maar wat is schriftelijk? Moet dat nog per aangetekende brief? Of heeft de traditionele brief plaats gemaakt voor nieuwe technologische ontwikkelingen, zoals uw e-mail, sms of WhatsApp? Mr Pola Switalska, advocaat incasso zaken en arbeidsrecht geeft uitleg. 

Wettelijke vereisten ingebrekestelling: schriftelijk!

Wat is eigenlijk een ingebrekestelling? Een ingebrekestelling is een schriftelijk stuk gericht aan de schuldenaar. Door middel van dit schriftelijke stuk wordt verzocht om de openstaande factuur binnen een bepaalde termijn te voldoen. Komt de schuldenaar dan nog steeds niet na, dan is hij in verzuim en kan hij worden gedagvaard. De wet schrijft echter voor dat deze ingebrekestelling “schriftelijk” moet geschieden. Het moge duidelijk zijn dat een brief en een fax aan dit vereiste voldoen. Door de komst van de moderne technologie kan echter twijfel bestaan over deze schriftelijkheidsvereiste. Wat als immers de ingebrekestelling per e-mail of WhatsApp is verstuurd?

Moderne communicatiemiddelen

Ik val maar meteen met de deur in huis. De rechter heeft zich uitgelaten met betrekking tot een ingebrekestelling die per e-mail is verzonden: deze wordt gezien als schriftelijk. Ook heeft de Tweede Kamer indirect laten weten dat het begrip ‘schriftelijk’ ruim mag worden geïnterpreteerd. Wel wordt aangeraden om het e-mailbericht met leesbevestiging te verzenden. Dit biedt immers het bewijs van verzending en ontvangst van de ingebrekestelling. Want de ontvanger van een mail kan achteraf altijd zeggen deze nooit te hebben gelezen of over het hoofd te hebben gezien. Zie de leesbevestiging dan ook  als een vorm van “aangetekende” post.

SMS of WhatsApp

De vraag of een SMS, WhatsApp-bericht of ander modern communicatiemiddel aan het schriftelijkheidsvereiste voldoen, is moeilijker te beantwoorden. Slechts één rechter heeft zich daar tot dusver over uitgesproken en deze rechter liet na om zijn oordeel uitgebreid te motiveren. Deze rechter stelde zich op het standpunt dat die specifieke sms-berichten niet voldeden aan de vereiste van schriftelijkheid. Kortom, deze ingebrekestelling werd niet geldig geacht.

Het probleem bij moderne communicatiemiddelen is immers het bewijs dat het bericht de ontvanger ook daadwerkelijk heeft bereikt. Bij de e-mail hebben we de leesbevestiging, bij SMS de ontvangstbevestiging en bij iMessage bevestigingsvinkjes. Op WhatsApp is het thans mogelijk om de ontvangst- en leesbewijzen uit te zetten waardoor bewijs van ontvangst ontbreekt.

Zou worden aangenomen dat aan de schriftelijkheidsvereiste is voldaan, dan moet wel nog worden bewezen dat de ingebrekestelling ook verzonden is naar de juiste ontvanger en dat het telefoonnummer dus bij de schuldenaar hoort. Om het zekere voor het onzekere te nemen, zou ik aanraden om voorlopig in elk geval niet te volstaan met SMS, WhatsApp en dergelijke.

Meer weten over uw rechtspositie?
Bovenstaande informatie schept een algemeen beeld ten aanzien van een ingebrekestelling via moderne communicatiemiddelen. Voor specifieke informatie over uw rechtspositie en wenst u een advies op maat? Dan kunt u contact met mij opnemen via switalska@leliveldadvocaten.nl of online een afspraak maken voor een gratis oriënterend gesprek. Mr. Pola Switalska

Disclaimer
Aan de inhoud van bovenstaande tekst kunnen geen rechten worden ontleend.